Als ik vraag
Als ik aan het water vraag:
Water, regen naar hem en laat hem aan mij denken, alsjeblieft.
Dan vrees ik de gedachten
Bang dat ze afgewezen zullen zijn.
Als ik aan de vogels vraag:
Vogels, vlieg naar hem en laat hem mij missen alsjeblieft.
Dan vrees ik de leegte
En hoe deze leegte wordt ingevuld.
Als ik aan de wind vraag:
Wind, waai naar hem en laat hem van mij houden alsjeblieft.
Dan vrees ik de storm,
De wind,
De veelheid van mijn vraag
Dan vrees ik het gemis van de liefde
De geliefde
Dus vrees ik de vrees
Dus vrees ik
Zou ik daarom steeds zelf aan hem denken,
Zonder vraag?
Pien Mouw