Aan mijn lief - Aan h…..

In een bevroren wereld
is mijn lijf verworden tot ijs.
Gevangen
in de traagheid van de koude,
pijnigen mij de ijspegels.
En doodt de kou delen van mijzelf
Om langzaam af te sterven.
Tot ik niet meer weet
hoe ik heb bestaan.

In mijn verloren wereld
is mijn hart verworven tot steen.
Ketst de schoonheid van de bomen
op mijn ondoordringbare oppervlak,
van niet reflecterend
niet absorberend steen.
Vervalt de wil,
tot onderzoeken, tot leren.
En beweegt mijn zware lijf
zich langzaam door de dagen heen.

In de nadagen van liefde
mis ik jouw ogen
die voor mij hebben gekeken.
Mis ik de schoonheid,
die jij tot mij bracht.
In mijn warmte met jou verdwenen,
naar een wereld onbekend van de mijne.
Dwalend op splinters van ijs,
erodeer ik als een rots
die zichzelf vasthoud.

In de nadagen van liefde wens ik jou,
de wil, de zon, het membraam
dat blijft fibreren
begeleid door mijn warmte.
Door mijn ogen
wens ik jou de wereld van primaire kleuren,
gevuld met scharlaken rood, stralend geel
en flonkerend blauw.

Met de koesterende bewegelijkheid
van dartelende zonnestralen.
Die blikkeren op al wat je omgeeft.
Wens ik jou deze wereld die ik eens heb gekend
Met jou.

Met de verdwijning van mijn liefste
Ben ik mezelf verloren.
Ben ik door mijn lief meegenomen
Om het pad te effenen.
Eens zal ik wederom keren
In geaarde sterkheid
van een ontdooiend vel.
Gebaseerd op de vastheid van steen
omdat ik heb gehouden.


Pien Mouw
Terug naar index gedichten
Terug naar hoofdindex